Het bericht van Skipr over oplopende wachttijden in de ggz benadrukt hoe groot de druk op organisaties is. In 2025 liepen mensen meer dan 100.000 keer tegen een wachtlijst aan, waarbij meer dan de helft langer wacht dan de maximaal aanvaardbare 14 weken. De gemiddelde wachttijd voor behandeling steeg naar 24 weken en voor specialistische zorg zoals persoonlijkheidsstoornissen zelfs tot 32 weken.
Wachttijden zijn een systeemprobleem, niet alleen een capaciteitsprobleem
Analyses laten zien dat wachttijden niet alleen worden veroorzaakt door capaciteitstekorten, maar vooral door structurele systeemfactoren:
- Het aantal mensen dat wacht op professionele mentale zorg én de gemiddelde wachttijden zijn in 2025 opnieuw gestegen.
- De wachttijd neemt vooral toe voor mensen met complexe problematiek (EPA, SGGZ), die het langst wachten op passende behandeling.
- De vraag naar GGZ-zorg stijgt, mede doordat het aandeel Nederlanders met een minder goede psychische gezondheid is toegenomen van 11% in 2001 naar 18% in 2024, vooral onder jongeren van 18–45 jaar.
- Slechts één op de vijf mensen met een psychische aandoening maakt uiteindelijk gebruik van de GGZ, wat betekent dat de potentiële vraag nog veel groter is dan de zichtbare vraag.
- Psychische klachten zorgen jaarlijks voor 17 tot 51 miljard euro aan maatschappelijke kosten. Dat is een indicatie van de schaal waarop betere toegankelijkheid noodzakelijk is.
Daarnaast is er een tweede cruciale factor: de centrale overheid stimuleert via o.a. IZA/AZWA regionale mentale gezondheidsnetwerken (MGN). Maar, de samenhang tussen sociaal domein, huisartsen en GGZ is nog onvoldoende om wachttijden daadwerkelijk terug te dringen.
Waarom overzicht een randvoorwaarde wordt
De combinatie van stijgende vraag, beperkte capaciteit en organisatorische versnippering zorgt ervoor dat instellingen moeite hebben het totale proces goed te overzien:
- Instroom, doorlooptijden, acties en openstaande taken raken verspreid over verschillende systemen.
- In teams die al op maximale capaciteit werken, ontstaat weinig ruimte om te analyseren waar vertraging ontstaat.
- De groep cliënten die het langst wacht is vaak de meest kwetsbare groep en dat is ook de groep die onzichtbaar raakt als monitoring onvoldoende is.
Juist in zo’n context is één samenhangend systeem voor overzicht geen luxe, maar een noodzakelijke randvoorwaarde voor effectieve zorgverlening.
Hoe CRS helpt in een steeds complexer systeem
CRS is ontwikkeld om in die complexe werkelijkheid overzicht te herstellen.
- Eén plek voor alle informatie
CRS brengt afspraken, dossiers, acties en rapportages samen, zodat teams direct zien: wie er wacht, hoe lang, waar knelpunten ontstaan, waar ruimte ontstaat en welke cliënten risico lopen. Dit voorkomt dat medewerkers moeten zoeken tussen systemen of met losse lijstjes werken. - Vroegtijdig signaleren van risico’s
Wanneer wachtenden te lang blijven staan, capaciteit onder druk komt of doorverwijzing noodzakelijk is, wordt dit via CRS vroeg zichtbaar. Daardoor kan eerder worden geschakeld. Wachttijden zijn een systeemprobleem waarbij vroege interventie en monitoring essentieel zijn. - Beter samenwerken met ketenpartners
Wanneer verwijzers, wijkteams en andere betrokkenen inzicht hebben in de processtatus, vermindert ruis in de keten. Dit sluit aan bij de landelijke beweging om samenwerking structureel te versterken. - Rust en voorspelbaarheid
Overzicht creëert mentale ruimte bij teams. Niet door harder werken, maar door slimmer organiseren. Denk daarbij aan: voorspelbare processen, actuele data, helderheid voor cliënten en minder verstoring in planning
De cijfers van Skipr laten zien dat de druk op de GGZ de komende jaren niet vanzelf afneemt. Wachttijden zijn steeds meer een symptoom van een onderliggend systeemprobleem, waarin vraag, capaciteit, organisatie, samenwerking en maatschappelijke ontwikkeling elkaar beïnvloeden. In zo’n realiteit is overzicht geen bijkomstigheid, maar een voorwaarde om kwaliteit en toegankelijkheid van zorg te behouden. Overzicht geeft grip. Grip geeft ruimte voor zorg.